Land van Kessel en Cuijk

De eerste nieuwe paal die is neergezet in het kader van de grensreconstructie in 2013 tussen het land van Kessel en het land van Cuijk is de Springelbeekpaal. Tekst van het bij de paal opgestelde bordje: "Springel is waarschijnlijk afgeleid van sprong. Een sprong geeft aan dat er een waterader in de grond lag. De plaats waar deze ader boven de grond kwam, werd een sprong of bron genoemd. In de literatuur (1716) wordt de Paal op Springelbeek beschreven als twee kuilen die ca. 17 m uit elkaar lagen, vol met water, met in elke kuil een steen. Op een kaart (1778) staat vlak bij de grenspaal het ontspringen van de Molenbeek richting Oploo getekend. Dat zou het woord -beek- in deze grenspaalnaam kunnen verklaren".
De wapenschildjes die op alle palen zijn geplakt. 
Het wapen van Cuijk is afgeleid van de heren van Cuijk. Het gebied Cuijk behoort pas sinds de 16e eeuw tot Brabant, voor die tijd was het afwisselend in bezit van Gelre en Brabant. Het wapen wordt al sinds de Middeleeuwen gebruikt en komt ook voor in de wapens van de andere plaatsen in het gebied. Beschrijving: Van goud beladen met 2 fascen en vergezeld van 8 merletten, staande 3,2 en 3, alles van keel. 
Kessel is al bekend sinds de Romeinse tijd. Het dorp wordt al sinds het begin der Middeleeuwen als graafschap genoemd. De grenzen van het graafschap zijn echter niet bekend. De oudste bekende graaf was Hendrik van Kessel, die in 1144 sneuvelde. Ongeveer anderhalve eeuw later droeg Hendrik het graafschap af aan Gelre. Het graafschap ging hierdoor over in het Ambt Kessel, waarin 18 afzonderlijke heerlijkheden gelegen waren. De familie Van Kessel bleef in bezit van de heerlijkheid en burcht te Kessel. Het wapen van deze familie was in zilver een ruitenkruis van keel.

Swartewaterpaal. De naam is terug te voeren naar de oude naam van een ven in de buurt.
Langepaal

Paal achter 't Sand / Kortepaal. Deze naam moet Brabants zijn van oorsprong, want vanuit Overloon staat de paal inderdaad achter en zandverstuiving.

Paal bij Coepkenshoff. Ook hier verwijst de naam (Coepkens) wellicht naar de koppen van de zandverstuivingen uit de buurt. Heden ten dage erg geliefd bij mountainbikers.